Ga naar hoofdinhoud

Masterclass parcoursbouwen met Henk Linders

Bij het bouwen van een springparcours komt meer kijken dan gedacht. Hoeveel hindernissen mag je volgens de regels gebruiken? Uit hoeveel oxers en stijlsprongen bestaat het parcours? Hoe zit het met de afstanden en waar moet je rekening mee houden bij de te rijden wendingen? Hoe bouw je een parcours dat niet te makkelijk is, maar ook niet te moeilijk? Het zijn slechts enkele overwegingen die meegenomen worden wanneer een parcours voorafgaand aan een wedstrijd ingetekend wordt. Henk Linders heeft als internationaal parcoursbouwer wekelijks met deze vraagstukken te maken en kan vanuit zijn ervaring dan ook precies vertellen hoe je een goed parcours bouwt.

Op vrijdag 5 juli organiseerde Paardenkrant-Horses.nl in samenwerking met Henk Linders een masterclass parcoursbouwer op Outdoor Gelderland. Hierbij bracht hij de fijne kneepjes van het vak over op een uiteenlopende groep van enthousiaste deelnemers.

Bekijk en lees de terugblik en de TIPS van Henk Linders hier terug.

Programma

  • 9.00u inloop / start
  • Lezing Henk Linders
  • Samen met Henk Linders parcours opbouwen en uitleg + parcourslopen met Willem Greve
  • Gezamenlijk wedstrijd kijken
  • Evalueren van het parcours door Willem Greve
  • Einde ca. 13.00 uur

Lees hier het artikel over de Masterclass!

5 tips van Henk Linders

Internationaal parcoursbouwer Henk Linders deelt alvast 5 tips voor een goed parcours:

Tip 1: Variatie

“Zorg ervoor dat er in het parcours voldoende variatie zit tussen linksom en rechtsom. Je wilt natuurlijk bijvoorbeeld geen vijf sprongen achter elkaar op de linker- of rechterhand hebben. Het blijven van hand veranderen is essentieel. Zo kan je ook zien of het paard correct afgericht is.”

Tip 2: Dubbelsprongen

“Teken twee dubbelsprongen in en zorg ook daar voor variatie. Dat wil zeggen dat je een keer begint met een stijlsprong en een keer met een oxer en daarbij ook varieert in het aantal galopsprongen. Dus de ene keer één galopsprong en de andere keer twee. Een dubbelsprong bestaande uit twee oxers is daarnaast niet wenselijk, twee stijlsprongen zou kunnen.”

Tip 3: Sprongen op rechte lijn

“Zet ook twee hindernissen achter elkaar op een rechte lijn met een aantal (bijvoorbeeld vier, vijf of zes) galopsprongen erachter. Zo kan je zien of een paard goed afgericht is.”

Tip 4: Opbouw moeilijkheid

“Een dubbelsprong zien we liever niet voor hindernis drie ingetekend worden. Daarbij moet er tussen de twee dubbelsprongen die in het parcours opgenomen dienen te worden, ook een aantal losse hindernissen geplaatst worden. Daarnaast moet je de moeilijkheid van het parcours en de dubbelsprongen naar het einde toe bouwen. Dan zijn de paarden in het ritme en is het makkelijker om dubbelsprongen te springen.”

Tip 5: Wendingen

“Probeer bij het ontwerpen van het parcours vloeiende wendingen te maken. Bij de piste in Arnhem is het belangrijk om met de hoeken mee te bouwen, zodat het parcours vloeiend blijft verlopen.”


De Masterclass parcoursbouwen is in samenwerking met: